
MDMA-therapie – Hoe werkt het?
Voor wie is MDMA-therapie bedoeld
Op dit moment wordt MDMA-therapie onderzocht voor volwassenen met PTSS waarbij eerdere behandelingen niet hebben geholpen. Dit zijn mensen die ook wel behandelresistent of therapieresistent worden genoemd. Veel onderzoek is gedaan onder veteranen, politieagenten en zorgprofessionals.
Er is ook een groep mensen die niet in aanmerking komt voor MDMA-therapie. Mensen mogen geen MDMA-therapie krijgen bij:
- Hartaandoeningen,
- Neurologische aandoeningen (zoals epilepsie),
- Zwangerschap en borstvoeding,
- Bepaalde medicijnen (MAO-remmers, sommige antidepressiva en andere psychoactieve of stimulerende middelen),
- Lever- of nierproblemen,
- Ernstige psychologische instabiliteit (zoals hoge mate van suïcidaliteit).
Bij mensen met een bipolaire stoornis, schizofrenie en andere psychotische stoornissen moet per persoon afgewogen worden of de therapie past.
De werking van MDMA-therapie
Cliënten die MDMA gebruiken in therapie, ervaren minder angsten en negatieve gevoelens als ze terugdenken aan hun trauma’s. Ook hebben ze meer behoefte aan contact en verbinding, waardoor ze zich makkelijker opstellen naar de therapeuten. Hierdoor kunnen ze hun ervaringen bespreken en verwerken. Dit gebeurt tijdens therapiesessies met MDMA, maar vooral ook tijdens de sessies zonder MDMA. Daar worden de ervaringen tijdens de MDMA-sessie besproken.
Door het bespreken van trauma’s lijkt het op exposure therapie (een therapie waarbij iemand denkt aan zijn trauma om het te verwerken). MDMA helpt cliënten met het terugdenken aan hun trauma, zonder dat ze dichtslaan of te emotioneel worden. MDMA is dus geen medicijn dat de klachten vermindert, maar dat helpt met het therapieproces.
Er is onderzoek gedaan naar de delen van de hersenen die reageren op MDMA-therapie. De amygdala, waar stress, angst en negatieve gevoelens verwerkt worden, is minder actief. Ook andere delen die emoties reguleren zijn minder actief.
Slagingspercentage in onderzoek naar MDMA-therapie
Amerika loopt voorop met onderzoek naar MDMA-therapie. De resultaten zijn positief. Tussen de 54% en 71% van de deelnemers aan drie grote onderzoeken, hadden geen PTSS meer na de behandeling. Dit was een stuk meer dan een groep deelnemers die geen MDMA-therapie hadden gekregen. Er waren ook geen verschillen tussen mensen van verschillende afkomst.
Ook in Canada, Australië en verschillende landen in Europa wordt er onderzoek gedaan naar MDMA-therapie. In Nederland onderzochten LUMC en ARQ Centrum ‘45 deze therapie, als onderdeel van een groter internationaal onderzoek. De resultaten hiervan zijn nog niet bekend. Wel kan je hier de ervaringen van een van de therapeuten lezen. Vanaf 2025 gaan onderzoekers bij Levvel en het Amsterdam UMC onderzoek doen naar MDMA-therapie bij jongeren van 16 en 17 jaar (lees hier meer hierover).
Bronnen
- Staatscommissie MDMA: https://open.overheid.nl/documenten/339f8de3-15a1-4bd8-ad39-9eec75426cef/file
- Multidisciplinairy association for psychedelic studies: https://maps.org/